Aftrekbare bijdragen Overzicht kerkgenootschappen Voor kerkgenootschappen

Giftenaftrek bij schenkingen aan kerkelijke instellingen

Mogelijkheden tot giftenaftrek

Om in aanmerking te komen voor de giftenaftrek in de Wet inkomstenbelasting 2001 moet met ingang van 2008 de kerkelijke instelling door de Belastingdienst bij (groeps)beschikking zijn aangemerkt als een algemeen nut beogende instelling (ANBI). Met de ANBI-beschikking zijn de door de kerk ontvangen giften vrijgesteld van schenkingsrecht. De instellingen vermeld op deze website zijn aangemerkt als ANBI.

Kerkbijdragen & giften aan kerkelijke instellingen

In het algemeen zijn giften vrijwillige (dus niet verplichte) uitgaven waarvoor geen recht op een tegenprestatie ontstaat. Onder giften vallen ook ‘verplichte’ bijdragen waarvoor geen directe tegenprestatie tegenoverstaat. Contributies van sport- of zangverenigingen zijn dus niet aftrekbaar. Wel aftrekbaar zijn bijvoorbeeld de contributie van een politieke partij en kerkelijke bijdragen. 

Bedragen die rechtstreeks aan geestelijken ter beschikking worden gesteld voor doeleinden die de kerkelijke instelling nastreeft of voor het verrichten van religieuze handelingen, worden aangemerkt als giften aan de kerkelijke instelling. Bijdragen voor kerkelijk wijkwerk, stipendia, voor het lezen van missen, huwelijksinzegening, doop en dergelijke bijzondere kerkelijke plechtigheden zijn giften als de bijdragen ten bate van de kerkelijke instelling of van de geestelijke als zodanig komen. In deze gevallen moet de betaling van de bedoelde bedragen blijken uit schriftelijke bewijsstukken.

Periodieke giften en andere giften

Afhankelijk van de vorm van een gift, kan de gift aan de kerk aangemerkt als ANBI geheel of gedeeltelijk in aftrek komen op het inkomen van de schenker. Een gift is een persoonsgebonden aftrekpost en kan dus in mindering komen op inkomen uit alle boxen(volgorde box I, III, II).

Gewone giften

Voor ‘gewone’ giften is slechts een bedrag aftrekbaar, dat zowel € 60 als 1% van het verzamelinkomen vóór toepassing van de persoonsgebonden aftrek overtreft. Het verzamelinkomen bestaat uit het totale inkomen uit de boxen 1, 2 en 3. Daarnaast geldt een maximumaftrek ter grootte van 10% van dat inkomen. Om de maximale 10% te kunnen aftrekken, moet daarom in een jaar 11% van het verzamelinkomen vóór aftrek van de persoonsgebonden uitgaven worden geschonken. De giften moeten bovendien kunnen worden aangetoond met schriftelijke bescheiden. Lees meer over gewone giften >>>

Periodieke giften

Voor de volledige aftrekbaarheid (dus zonder aftrekbeperkingen) van periodieke giften, geldt dat deze de vorm van minimaal vijf jaarlijkse vaste en gelijkmatige periodieke uitkeringen moeten hebben, die eindigen uiterlijk bij overlijden van de schenker. De verplichting tot het doen van uitkeringen moet zijn aangegaan bij een notariële akte.

De beëindiging van de periodieke giften binnen vijf jaar door het overlijden van de schenker heeft geen consequenties voor de reeds geclaimde giftenaftrek. Degene die de schenking doet mag niet zelfstandig de looptijd van de periodieke gift beïnvloeden, waardoor de looptijd korter kan zijn dan de minimale looptijd voor een periodieke gift van vijf jaar. Als degene die een gift doet na de minimale periode de gift kan beëindigen, is dat geen beletsel.   Lees meer over fiscaal voordelige periodieke giften >>>

Brochure over aftrek giften

De Belastingdienst heeft een nieuwe brochure gepubliceerd over de aftrek van giften. Sinds 1 januari 2008 zijn de regels voor de aftrek van giften veranderd. Zo zijn alleen giften aan goede doelen die bij de Belastingdienst geregistreerd staan als Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI) aftrekbaar. 

De brochure kunt u hier downloaden



Maak een keuze: